Heikel punt: vrijheid, blijheid?

0

In de zogenoemde Shared Space volgen weggebruikers niet strikt de regels, maar wordt een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid. Dat klinkt mooi, maar werkt het ook in de praktijk? ‘Het klinkt tegenstrijdig, maar juist het onoverzichtelijke van een Shared Space draagt bij aan de veiligheid

Shared Space: de achterkant van station Amsterdam Centraal

Wat is de Shared Space?

De Friese verkeerskundige Hans Monderman bedacht in de jaren negentig een verkeersoplossing met zo min mogelijk regels en lijnen op de weg, waarbij iedere weggebruiker dezelfde rechten heeft en er geen rechten worden toegekend aan het soort vervoermiddel of de plek waar de weggebruiker zich bevindt. Geen fietspaden of trottoirs dus, maar simpelweg één ruimte voor al het verkeer: de Shared Space.

Bekende voorbeelden zijn de achterkant van station Amsterdam Centraal (zie video onderin), het Domplein in Utrecht en de Steenstraat in Arnhem. Filmpjes van de Shared Space achter Amsterdam Centraal tonen een intrigerend beeld: in de kluwen van voetgangers, fietsers en scooteraars lijkt het telkens mis te gaan, maar uiteindelijk gaat het toch allemaal net goed.

Verkeer zonder regels

Volgens verkeerspsycholoog Pieter de Haan van stichting Kenniscentrum Shared Spaces is de Shared Space een goede oplossing in een tijd waarin het aantal verkeersdeelnemers en soorten vervoermiddelen groeit en er te weinig ruimte is om iedereen een eigen pad te geven. Verkeer zonder regels klinkt misschien spannend, maar volgens De Haan werkt het in de praktijk goed.

Minder botsingen

“In het algemeen zijn er in een Shared Space minder botsingen dan in een gereguleerde omgeving en zijn de ongelukken minder ernstig doordat de snelheden geharmoniseerd zijn. Mensen houden veel meer rekening met elkaar omdat de snelheid zo laag is dat we elkaar in de ogen kunnen kijken en elkaars bewegingen kunnen zien. Het werkt hetzelfde als in een winkelstraat, waar mensen nauwelijks botsen: we maken heel subtiele bewegingen die ervoor zorgen dat we begrijpen wat de ander doet. Ik noem ook weleens het voorbeeld van de supermarkt. Je rijdt daar met je karretje en houdt rekening met elkaar, vervolgens ga je naar je auto en dan ben je opeens een weggebruiker die scheldt op een fietser die niet op het fietspad rijdt.

Regels maken mensen vaak agressiever en luier, want men communiceert niet meer met elkaar maar met het systeem. Dat proberen we te veranderen en uit onderzoek blijkt dat het werkt: Zweeds onderzoek toont aan dat de sterkste verkeersdeelnemer – de auto – het meest rekening houdt met de zwakste. Gaat het toch mis, dan is de schade meestal beperkt omdat auto’s ongeveer de snelheid van een fiets aanhouden.”

Bewuster bezig

Het klinkt tegenstrijdig, maar juist het onoverzichtelijke van een Shared Space draagt bij aan de veiligheid. Een goed voorbeeld is een kruising in het Friese Siegerswoude, waar altijd veel te hard werd gereden en veel ongelukken plaatsvonden. Uiteindelijk werd er in samenspraak met de omwonenden een Shared Space ingericht, vertelt De Haan.

“Nu is de kruising een soort plein dat omzoomd is door bomen, waardoor je wat beslotenheid krijgt en als automobilist pas op het plein kunt zien waar je naartoe kan. In een Shared Space ben je als weggebruiker veel bewuster bezig, je móet wel. De omgeving wordt zodanig vormgegeven dat je als weggebruiker je snelheid moet aanpassen. Dat werkt uitstekend.”

En de kritiek dan?

Kritiek is er natuurlijk ook. Asociale weggebruikers zouden meer speelruimte krijgen en ook zou de Shared Space minder geschikt zijn voor zwakke verkeersdeelnemers als ouderen en gehandicapten. De Haan herkent de kritiek. “In eerste instantie zeggen mensen die het niet gewend zijn vaak: wat een chaos. Maar dat is dus de bedoeling, die chaos creëren we zelf. Voor blinden en slechtzienden is dit extra lastig, omdat zij niet alle non-verbale communicatie meekrijgen, en daarom werken we veel met hen samen en integreren we hun ideeën bij het ontwerpen van Shared Space.

Maak jezelf zichtbaar

Aan de andere kant is het ook belangrijk dat een slechtziend persoon zich zichtbaar wil maken. Als je zegt: ik wil die stok niet gebruiken, dan maak je het jezelf erg moeilijk. Dat geldt ook voor een moeder met een kinderwagen, die maakt zich ook zichtbaar. De meeste mensen deugen echt wel en houden dan rekening met je. En ja, asocialen zijn er altijd, dat zie je ook in een winkelstraat. Er zijn áltijd eikels en die blijven er ook. Ik kan niet de mensheid veranderen, maar wel het gedrag enigszins aanpassen door de omgeving te veranderen.”

Kijk voor meer informatie op KENNISCENTRUM SHARED SPACE

Tekst: Elias de Bruijne

Deel.

Over de auteur

Geef je reactie