Route Delden – Het erfgoed van de textielbaronnen

0

Routekaartje DeldenStart: Delden
Afstand: lange route 73 km – korte route 37 km
GPS route:  Route Delden
PDF Routekaart: Route Delden
PDF Routebeschrijving: Route Delden

‘Geen strijd, maar samenwerking’. Dat was het motto van machinefabriek Stork. Een goede baas zorgde voor arbeidsvrede en voor het welzijn van zijn arbeiders. Maar intussen zagen die de rijkdom van de textielbazen sneller groeiden dan hun eigen schamele inkomen. Met onrust en stakingen als gevolg. Een duik in Twente’s textielverleden.

Hier moet het dan zijn begonnen. Net na het sfeervolle Delden fiets je het bosrijke landschap van Twente in, waar ook met gulle hand overal fraaie boerderijen zijn uitgestrooid. Nu zijn die optrekjes vaak prachtig gerestaureerd, een groot verschil met enkele eeuwen geleden. Vanaf de 17e eeuw vulden de arme keuterboeren hier hun schamele inkomen aan met handwerknijverheid aan huis. Op hun eigen boerderij zaten ze vaak tot achttien uur per dag achter een weefgetouw.

Eerst maakten ze voor eigen gebruik linnen. Later ook voor de verkoop bombazijn: een weefsel van linnen en katoen. Textiel was Twente dus niet vreemd toen de familie van Heek, dankzij de stoommachine en goedkope arbeidskrachten, de textielindustrie hier tot grote bloei bracht. Vanaf 1850 werd Enschede zelfs de grootste textielstad ter wereld, op het Britse Manchester na. En de boeren? Met regelmatige werktijden en een vast inkomen bleek het werken voor een baas aantrekkelijker. Ook al was er naar moderne maatstaven sprake van loodzware werkomstandigheden: elf uur per dag werken in enorme hitte en een onvoorstelbaar lawaai. Lette je bovendien niet goed op en ontstond daardoor een weeffout, dan kreeg je strafkorting of zelfs ontslag.

Respect voor het verleden

De megafabrieken van toen bestaan niet meer, maar regelmatig kom je deze tocht resten van dat roemruchte textielverleden tegen. In Delden aan de Kortestraat is de fabriek nu een airco supermarkt, de fabriekspijp staat nog voor de deur. Later passeer je meer restanten van fabrieken. In de wijk Roombeek bijvoorbeeld in Enschede, die na de vuurwerkramp zo goed als volledig werd herbouwd. Je ziet er nog twee watertorens en drie fabrieksgebouwen. Ze bieden nu plek aan restaurants, winkels, ateliers en appartementen. Een nieuwbouwwijk dus, maar wel met veel karakteristieke elementen uit het industrieel verleden. Verderop fiets je langs de voormalige spinnerij en fabriek van Gerhard Jannink & Zn.

Het complex is nog grotendeels intact. De fabriekspijp met het opschrift 1900 herinnert aan de tijd dat Enschede meer dan veertig grote textielfabrieken telde. Die boden werk aan zo’n elfduizend mensen. In de grote toren werd onder meer water opgeslagen voor de brandblusinstallatie. De naastgelegen weverij, met toen 567 weefgetouwen, brandde in de jaren zestig van de vorige eeuw af. Een deel van de muur staat er nog en dient nu als afscheiding van een parkeerplaats voor een autobedrijf.

Toilet delen met alle buren

Dicht bij die fabrieken woonden de arbeiders in zogenaamde afdakswoningen. De naam van dit type huizen slaat op het uiterlijk. Het dak loopt achter verder naar beneden dan aan de voorkant. Het complex in de Sumatrastraat 61-71, iets voorbij de voormalige fabriek van Gerhard Jannink, stamt uit 1888 en is grondig gerestaureerd. Groot waren deze volkswoningen niet; vaak vier meter breed en nog geen acht meter diep. Kwam je binnen, dan stond je meteen in de kamer. Verder was er een kleine bedstee en een aardappelkelder. Stromend water en riolering was er niet; je deed je behoefte op het privaat achter het huis dat je deelde met diverse buren. Wat een verschil met de rijke textielbaronnen, zoals Gerrit Jan van Heek, de meest succesvolle textielfabrikant aan het einde van de 19e eeuw.

In Enschede lieten de industriëlen aan de net aangelegde Lasondersingel villa’s bouwen die pasten bij hun status. Vaak van baksteen met opvallende erkers. Zulke villa’s tref je in Hengelo aan de Gundellaan aan. Stap bij huisnummer 18 even van je fiets om er discreet het voormalige ‘rieten kapje’ met dubbele garage, fraaie tuin, binnenhof en twee terrassen van Jurriaan Engelbert Stork te bewonderen. De directeur van de Koninklijke Weefgoederen Fabriek liet het landhuis in 1928 op ruim tweeduizend vierkante meter eigen grond bouwen. Nee, dan de bewoners van de afdakswoningen. Wilde je verhuizen naar een groter kotje, dan moesten al je kinderen in de fabriek gaan werken. En werd je arbeidsongeschikt, dan was het helemaal een ramp. Je gezin kreeg dan een vergoeding van de verplichte ziektekostenverzekering, overigens een uitvinding van de fabrikanten. In 1934 was dat 2,50 gulden per week. Daarmee kon je nauwelijks de huur betalen.

Oog voor de arbeiders

Niet verwonderlijk dat het onder de arbeiders begon te broeien. Ze riepen: ‘Hop, hop, hop, hang die rijke stinkerds op. Aan een touw; eerst de man en dan de vrouw.’ Tijdens een staking bij Scholten in Almelo, in 1888, trokken alle industriëlen in de regio één lijn: werd ergens gestaakt, dan legden ook de bazen in de andere fabrieken het werk stil. Daarmee kwamen álle arbeiders zonder geld te zitten en raakte de stakingskas snel leeg. De staking in 1902 bij de fabriek van Van Heek & Co. in Enschede duurde zelfs zes maanden. Die trok landelijk zo’n enorme aandacht dat de directeuren Gerrit Jan en zijn zoon Jan Bernard naar Den Haag werden geroepen voor overleg met minister-president Abraham Kuyper.

Na terugkomst dienden zij een declaratie voor de treinkaartjes in, om nog eens te benadrukken dat zij het een nutteloos overleg vonden. Toch hadden de fabrieksdirecteuren ook oog voor de noden van de arbeiders. Ze bouwden nieuwe woonwijken, richtten instellingen op voor scholing en sport en legden bijvoorbeeld het Volkspark in Enschede aan, zodat ook de werknemers konden recreëren. Het park was het eerste geheel vrij toegankelijke park in Nederland. In Hengelo richtte de firma Stork een eigen fabrieksschool op: de Wilhelminaschool aan de Industriestraat, nu het Techniekmuseum. De serieuze technische opleiding leverde het bedrijf breed inzetbare vakmensen op, die daardoor een sterke binding kregen met de fabriek. In feite toch ook weer een beetje eigen belang.

Tuindorp als Vinexwijk

In opdracht van machinefabrikant Coen Stork werd rond 1911 in diezelfde stad tuindorp ’t Lansink gebouwd. Verschillende woningtypen (van goedkoop naar duurder), prieeltjes, grote tuinen, openbare parkjes en zelfs een openbaar zwembad werden gerealiseerd om de hele ‘Stork familie’ te huisvesten. Directeuren, kantoormedewerkers en arbeiders woonden er door elkaar heen, eigenlijk de Vinex-gedachte van toen.

Bekijk er het informatiebord bij de grote vijver met uitzicht op het zwembad dat nog steeds in gebruik is. En stap even later af bij het centraal gelegen C.T. Storkplein. Daar zie je een plaquette van Coen Stork, pal naast hotel ’t Lansink dat hij liet bouwen als overnachtingsplek voor zakelijke bezoekers aan de fabriek. Al fietsend langs de restanten van het Twentse industrieel verleden vraag je je echter af hoe die textieldirecteuren – Stork, Jannink, Van Heek, Ten Cate, Ter Kuile, Scholten en Palthe – aan hun investeringskapitaal kwamen. Ze kwamen uit families die met handel en huisnijverheid al een flink kapitaal hadden vergaard. Het vermogen van de families groeide verder door onderlinge huwelijken: textiel trouwt textiel. Daarnaast maakten ze zulke enorme winsten dat ze dit geld niet meer in hun fabrieken konden investeren. Dat deden ze buiten de stad.

Bossen en landgoederen

Fietsend door het imponerende groen tussen Delden, Hengelo, Enschede en Boekelo realiseer je je nauwelijks dat de fabrieksdirecteuren ook hier flink hun sporen hebben nagelaten. Voor nieuwe beleggingen kochten ze enorme stukken grond aan; hier voor bosbouw en houtproductie, zoals het bos rond Hof Espelo, elders om er prachtige villa’s en landgoederen te bouwen.

Daarvoor konden ze zich ook de beste architecten veroorloven. Neem buitenplaats Zonnebeek, rond 1906 gebouwd voor Jan Bernard van Heek. Hij was getrouwd met Edwina Burr Ewing uit Nashville, Tennessee. Zij liet zich inspireren door de architectuur van die streek, waardoor het huis en de tuin zeer Amerikaans aandoet. Home is where the heart is. Ofwel: eigen haard is goud waard. Het kan de lijfspreuk van Edwina zijn geweest. De arbeiders in de afdakswoningen hadden zeer waarschijnlijk een heel ander devies.

Tip

Kunst van textieldirecteur
Nadat Jan Bernard van Heek in 1929 op landgoed Zonnebeek overleed, liet hij meer dan tweehonderd kostbare schilderijen achter, onder meer van 17e- en 18e-eeuwse meesters. Zijn plan om deze voor het publiek toegankelijk te maken, werd door zijn familie uitgevoerd. De schilderijen zijn te zien in Rijksmuseum Twenthe, in een gebouw uit 1929. Adres: Lasondersingel 129-131. Info: www.rijksmuseumtwenthe.nl

4 fietsroutes langs industrieel erfgoed
De VVV’s in Enschede en Hengelo bieden vier themaroutes aan, elk in een apart boekje. De fietsroutes voeren door beide steden en daarbuiten, en tonen nog meer van het industrieel verleden in Twente. Boekjes met routes kosten € 2,95 per stuk.

Maak er een weekend van
De fietsroute bij dit verhaal is 72 km lang en voert hier en daar over onverharde bospaden. Je kunt de route ook in tweeën splitsen. Wellicht een idee om het industrieel verleden van Twente in twee dagen te ontdekken. Leuke hotels: Hotel de Zwaan in Delden, Resort Bad Boekelo in Boekelo en Hampshire Hotel De Broeierd in Enschede. En wil je in ‘stijl’ overnachten? Kies dan Tuindorphotel ’t Lansink in Hengelo.

14 x industrieel erfgoed langs de route
1. Voormalige fabriek met fabriekspijp, Kortestraat Delden (parallel aan Langestraat)
2. Tuindorp ’t Lansink, Hengelo
3. Hotel ’t Lansink met plaquette C.F. Stork, Hengelo
4. Watertoren op voormalig terrein machinefabriek Stork, Hengelo
5. Wilhelminaschool (Techniekmuseum), Hengelo
6. Villa van C.F. Stork, Gundellaan 18, Hengelo
7. Restanten fabrieken Roombeek, Enschede
8. Kunstcollectie J.B. van Heek, Rijksmuseum Twenthe, Enschede
9. Muur Schuttersveld, Enschede
10. Volkspark, Enschede
11. Fabriekscomplex Jannink (deels museum), Hengelo
12. Afdakswoningen, Sumatrastraat 61-71, Enschede
13. Landgoed Zonnebeek, nabij Boekelo
14. Boekelose Stoomblekerij, Boekelo

Praktisch

Tourist Info Enschede, Langestraat 41 te Enschede. Geopend: ma 13-17 uur, di t/m za 10-17 uur. Tel (053) 48 01 970. Info: www.uitinenschede.nl.

Bureau Hengelo, Markt 8 te Hengelo. Geopend oktober t/m maart, ma t/m vr 10-17 uur. April t/m september, ma t/m vrij 10-17 uur en za 11-14 uur. Tel (074) 250 10 80. Info: www.bureauhengelo.nl

Meer info
www.cultureelerfgoedenschede.nl

Fietsverhuur
Twente Fiets, Willem Wilminkplein 5 (depot Intercity Hotel) te Enschede. Tel. 06 -25 04 64 32 / of 06 -57 54 62 25. Geopend: dagelijks 9-18 uur. Prijs € 9,50, e-bike: € 19,50. Legitimatie verplicht. Op verzoek brengt Twente Fiets de fiets naar je gewenste startadres, tegen slechts enkele euro’s extra. Info: www.twentefiets.nl.

Fietspoint Enschede, Stationsplein 33 te Enschede. Tel. (053) 432 27 92. Geopend: op werkdagen 7-19, za 8-19 en zo 9-19 uur. Prijs: 7,50. Borg: € 50. Legitimatie verplicht. Info: www.fietspointenschede.nl.

Harrie van der Woning Tweewielers, Langestraat 65a te Delden. Tel: (074) 376 51 61. Geopend: ma 8.30-12.30 uur, di t/m vr 8.30-18 uur, za 8.30-17 uur. Prijs: 8,00, e-bike € 20. Legitimatie verplicht. Info: www.harrievanderwoning.nl

Routekaartje DeldenStart: Delden
Afstand: lange route 73 km – korte route 37 km
GPS route:  Route Delden
PDF Routekaart: Route Delden
PDF Routebeschrijving: Route Delden

Heb je tips of opmerkingen over deze route? Laat het ons, en je medefietsers, weten!

Tekst en foto’s: Ruud Slagmolen

Route Delden – Het erfgoed van de textielbaronnen
5 (100%) 2 votes

Deel.

Over de auteur

Geef je reactie