Route Hollandsche Rading – Alle dagen druk in de winter

2

Startpunt: NS-station Hollandsche Rading
Afstand: 28 of 34,5 km
Het GPS-bestand: Route Holl. Rading
PDF Routekaart: Route Holl. Rading
PDF Routebeschrijving: Route Holl. Rading

Miauwende buizerds, zonminnende woestijnjagers of grazende reeën: het bos en de zandverstuivingen tussen Hollandsche Rading en Soest leven in de winter meer dan je denkt. Bovendien fiets je er lekker beschut rond.

Wie doet er een tukje?

In de winter proberen dieren zich zo min mogelijk te bewegen, want elke beweging kost energie. En dus extra voedsel, dat in deze periode immers meestal erg schaars is. Sommige dieren, zoals eekhoorns, zijn iets luier: zij houden winterrust en slapen veel. Ze worden echter wel wakker om te eten. Insecten en egels hebben ’s winters nauwelijks mogelijkheden om voedsel te vinden. Daarom houden zij een winterslaap.

Drukke baasjes

Waarschijnlijk kom je bij het Wasmeer, het Pluismeer, de Lange Duinen of in het bos een grote, wat logge roofvogel tegen met vingers aan zijn vleugels en een soort burgemeestersketting op zijn borst. Dit is vast een buizerd. Hij trekt zich weinig aan van de winter en zit in een boom of op een paaltje te koekeloeren. Als er een prooi voorbij komt, schiet hij erop af. Kieskeurig is hij zeker niet. Muisjes, door de honger verzwakte vogels, zelfs dode dieren… Het maakt hem niet veel uit. Hij heeft wel wat last van concurrentie, want in de winter strijken er wintergasten uit het koude noorden van Europa bij ons neer. Gelukkig blijven die buizerds vooral langs snelwegen hangen voor verkeersslachtoffers en muizen in de berm. De lokale buizerd is echter honkvast. Al in januari bouwen het mannetje en vrouwtje aan hun nest. Ze baltsen in januari en februari. Daarbij krijsen of miauwen ze zo hard dat ze wel krolse katers lijken. Conclusie: een buizerd heeft het behoorlijk druk in de winter.

Fietsroute Hollansche RadingSpeuren naar witte kontjes

Reeën zie je makkelijker als de bomen kaal zijn. Hun witte achterwerk (spiegel geheten) steekt goed af. Bovendien grazen ze meer overdag dan in de zomer. Ze knabbelen aan takjes, verorberen bladeren en snoepen graag eikels. Als dat niet meer lukt, beginnen ze aan boomschors – ook al zit daar relatief weinig voedingswaarde in. Voor de winter zorgen ze dat ze flink aangekomen zijn. Ze leven in deze periode vaak in groepen van zowel geiten als bokken. Zo’n groep, een zogeheten sprong, kan uit tien of meer reeën bestaan. In het vroege voorjaar valt de sprong uit elkaar. De kalfjes worden in april en mei geboren. In juli zijn de geiten en bokken alweer op vrijersvoeten, dus in elke sprong lopen ’s winters zwangere reeën rond. Tijdens deze fietstocht is de kans vooral door de week redelijk groot dat een paar reeën het fietspad oversteken of rondscharrelen in half open bosgebieden. Tenminste, als je niet te veel lawaai maakt en rustig fietst. Reeën zien erg slecht, maar kunnen wel beweging spotten, goed horen en ruiken.

Zo wijs als een ransuil

Een tiental grijze bolletjes sieren regelmatig ’s winters een van de naaldbomen langs de zandverstuiving van de Lange Duinen. Dit zijn ransuilen, die hun snavel diep hebben weggestoken in hun dikke grijze ‘jas’. Ze kunnen zichzelf goed isoleren dankzij de luchtlaagjes tussen hun uitgezette veren. Als het aan natuurbeschermers ligt, blijft het geheim waar ze nu precies zitten. Al is het natuurlijk wel leuk om te weten dát ze er zijn als je langs de Lange Duinen fietst. En wie met een natuurgids een keer tegen schemertijd op pad gaat, mag ze wel bewonderen. Dan ontdek je ook dat die grijze bolletjes opeens tot leven komen. Ze vliegen uit, zonder enig geluid te maken. Dat komt doordat ze extra pluisjes langs hun veren hebben om de wind te stroomlijnen. Het bijzondere aan elke uil is dat hij zijn kop 360 graden kan draaien. Dat moet ook wel, want hij kan alleen recht naar voren kijken en zijn ogen niet heen en weer bewegen, zoals wij. Zijn kop is een klankkast voor het geluid, waardoor hij zeer nauwkeurig kan bepalen waar elk geluid vandaan komt. De oren van een ransuil zijn twee onzichtbare gaatjes tussen zijn veren, dus niet de twee pluimpjes op zijn kop. Die zijn meer voor de sier. Daar dankt hij wel zijn naam aan. Zijn kop lijkt op een middeleeuwse muts, die ‘ranse’ werd genoemd.

In het hol van de leeuw

Je hoeft niet naar Afrika om spannende dieren te vinden. De stuifzandgebieden van de Lange Duinen, die ontstaan zijn doordat landbouwers in de Middeleeuwen te veel de hei afplagden, vormen onze eigen Sahara. Er leven leeuwen, nou ja, mierenleeuwen. Dit zijn de larven van een libelle-achtige insect. Ze graven een kuiltje in de vorm van een trechter en wachten onderin net zo lang totdat een mier zich in het hol van de (mieren)leeuw waagt. Door het losse zand kan hun prooi er niet meer uit klimmen en belandt uitgeput op het laagste punt, waar hij naar binnen getrokken wordt en lekker opgepeuzeld. Hartje winter heeft de mierenleeuw het wat lastiger, want dan lopen er niet zo veel insecten rond als in de zomer.

Eekhoornsporen

Het is bekend, eekhoorns verzamelen in de herfst hun voedselvoorraad. Minder bekend is wellicht dat ze daarmee een belangrijke bijdrage leveren aan de geboorte van een nieuw bos. Ze verstoppen namelijk net als gaaien vaak de eikels op plekken, die ze later niet meer kunnen terugvinden. Zo krijgen de eikeltjes de mogelijkheid om te ontkiemen, vaak een stuk verder van hun moederboom. Eekhoorns zijn wel zo slim om hun opslagplaatsen te maken in de buurt van diverse nesten. Als je geluk hebt zie je ze rondtrippelen als ze zich net even buiten wagen, maar de kans is groter dat je hun sporen in de sneeuw ontdekt. Ze zijn onder andere gespot in het Willem Arntszbos, maar ze zitten in de meeste bossen waar je doorheen fietst. Overigens kregen ze er een paar jaar geleden een geduchte concurrent bij. Een niet zo slimme natuurliefhebber had tien grijze eekhoorns uitgezet. Deze Amerikaanse immigranten zijn echter veel brutaler en sterker dan onze inheemse rode eekhoorn en hebben bijvoorbeeld in de Londense parken alle lokale eekhoorntjes verdrongen. Bij ons is het goed afgelopen: voordat de grijze eekhoorns zich konden vermeerderen, zijn ze gevangen.

Ruim baan

Om dieren de mogelijkheid te geven meer te zoeken naar voedsel en soortgenoten, wordt er een nieuw ecoduct gebouwd over de spoorlijn net voor Den Dolder. De werkzaamheden zijn in de winter van 2012 en 2013 in volle gang. Van groot tot klein kan straks zich straks vrijer bewegen. Dus van ree tot muis en van tor tot das. Sommige insecten zullen er misschien twee jaar over doen het ecoduct over te steken, andere twee minuten. Op de dierensnelweg komt een strook met struiken, maar ook met zand. Het ecoduct wordt 60 meter breed en 10 meter is bestemd voor wandelaars, fietsers en ruiters. Voor elk wat wils dus.

Tijdens deze fietstocht is de kans redelijk groot dat een paar reeën rondscharrelen in half open bosgebieden.

Fietsroute Hollandsche Rading

Meer weten over de natuur?
Wandel mee tijdens een van de gratis excursies van IVN Eemland. Aanmelden hoeft niet. Meer informatie: www.ivn-eemland.nl, wandelingen@ivn-eemland.nl of 06 – 10 28 56 82.

Praktisch

Over de route
Deze fietstocht loopt voornamelijk door het bos, dus dat rijdt lekker beschut. Af en toe kom je langs prachtige villa’s. Zo’n 90% gaat over fietspaden. Sommige paden zijn half verhard. De route is niet al te lang (37 km) en je kunt ’m bovendien inkorten (naar 32 km). Er is voldoende horeca onderweg.

Tip

Dieren op het doek
Geen dieren tegengekomen? Bij J&B Art Gallery zie je ze beslist, want natuurschilder Peter van Loenhout exposeert er onder andere. Van buizerds tot eekhoorns. Adres: Oosterspoorlaan 7 in Hollandsche Rading. Openingstijden vrijdag tot en met zondag van 12.00 tot 18.00 uur.

Opwarmen onderweg
* Zelfgemaakte taarten bij het startpunt: Perron Peet, NS-station Hollandsche Rading, Vuurse Dreef 20, Hollandsche Rading, (035) 577 16 41.
* Lunch-adres: ’t Hooge Erf, Hoge Vuurseweg 11, Lage Vuursche, (035) 646 82 12.
* Warme choco in een blokhut: kiosk De Lange Duinen, Foekenlaan 25, Soest, (035) 603 26 10, wo–zo open vanaf 10.00 uur.
* Borreltijd: Mauritshoeve, Maartensdijkseweg, Bilthoven, (0346) 21 20 18, wo–ma open vanaf 11.00 uur.

Startpunt: NS-station Hollandsche Rading
Afstand: 28 of 34,5 km
Het GPS-bestand: Route Holl. Rading
PDF Routekaart: Route Holl. Rading
PDF Routebeschrijving: Route Holl. Rading

Heb je tips of opmerkingen over deze route? Laat het ons, en je medefietsers, weten!

Tekst Monique van Klaveren, met dank aan Martine van der Kaa (IVN Eemland) Foto’s Peter van der Wijst, Ruud Slagmolen, Istock

Deel.

Over de auteur

2 reacties

  1. Bart de Jager op

    Bij het downloaden van de routes krijg ik steeds de melding ” gecomprimeerde map is ongeldig of beschadigd. Hoe moet ik deze dan op mijn GPS krijgen

Geef je reactie