Techniek

Overwinteren

1.
Piepen, kraken en schuren... wie in de winter doorfietst weet wat echte weersomstandigheden voor desastreuze invloed kunnen hebben je materiaal. Met een beetje moeite vooraf komt je fiets goed de winter door. Het klinkt misschien raar, maar voordat je fiets nat en vies gaat worden moet je hem eerst schoonmaken. Je kunt hem gewoon wassen met warm water en afwasmiddel. Gebruik een sponsje en een borstel met echte haren. Zo wordt de fiets wel schoon, maar beschadig je de lak niet. Probeer overal te komen, dus ook aan de binnenkant van de spatborden. Daarna laat je de fiets opdrogen en wrijf je hem schoon met een echte doek, bijvoorbeeld een oud katoenen T-shirt.

2.
Wil je goed kunnen blijven trappen, dan moeten ketting en tandwielen schoon de winter in. Eerst ontdoe je de ketting en de tandwielen van oud vet, smeermiddel en vuil. Doe dat bij voorkeur met een biologisch verantwoorde ontvetter. Je kunt een speciale kettingreiniger gebruiken (foto), of gewoon een paar oude lappen. Wil je zelf schone handen houden, doe in een paar chirurgen-handschoenen aan. De ontvetter kun je ook gebruiken om elders vetvlekken van je fiets te verwijderen.

3.
Als de oude ketting nog goed is, gebruik deze dan in de winter. Een nieuwe ketting, eventueel in combinatie met nieuwe tandwielen, monteer je in het voorjaar. Als de ketting schoon is moet je er wel voor zorgen dat hij soepel draait. Gebruik speciaal smeermiddel, bijvoorbeeld Course spray van Cyclon, om de ketting licht te oliën. Doe dit een tijdje voor je gaat fietsen, zodat het smeermiddel in de schakels kan dringen. Haal de ketting door een doek om het overtollige smeermiddel te verwijderen.

4.
Het is tijd om de lak te behandelen, bijvoorbeeld met autowas van Turtle Wax. De was zorgt voor een beschermend laagje waardoor de lak minder vatbaar is voor regen en vuil. De was is verkrijgbaar in normale uitvoering of in spuitbus. Voor aluminium en verchroomde onderdelen zijn speciale poetsmiddelen verkrijgbaar.

5.
Derailleurs en remmen worden met kabels bediend. En kabels moeten gesmeerd lopen. Om ze te smeren moet je er wel goed bij kunnen. Tip; schakel de achterderailleur op het grootste tandwiel en zet de fiets neer. Schakel terug zonder het wiel te draaien, zodat de kabel slap komt te hangen. Zo kun je de buitenkabel makkelijk uit de oogjes klikken. Vervolgens schuif je de buitenkabel een stukje op, waardoor je bij de binnenkabel kunt. De remkabel haal je los door de rem in te knijpen. De remblokjes houd je met de hand tegen de velg gedrukt, terwijl je de remgreep loslaat. Zo komt de kabel slap te hangen en haak je hem eenvoudig los. Smeer de kabels in met dunne olie of smeermiddel met teflon. Je kunt dit doen met een soort injectienaald of een spuitbus met extra tuutje. Het teflon in de olie beschermt de kabel extra tegen vocht.

6.
Een klassieke oplossing: smeer boutjes, moeren en spooknippels in met vaseline. Doe dit ook met de velgen, maar natuurlijk niet aan de zijkant waar de remblokjes de velg raken. Wil je het echt goed aanpakken, breng dan tectyl aan op blanke aluminium onderdelen. Het is ook slim om de stuur- en zadelpen even te demonteren en licht in te vetten. Dit voorkomt gekraak en je kunt ze in het voorjaar ook nog een keer verstellen.

<< terug



Bikemotion